Is de strijd tegen Big Tech echt zo uitzichtloos als we denken?
In gesprek met expert digitale autonomie Björn Wijers
De strijd tegen Big Tech heeft ons in zijn macht, of we nou willen of niet. Langzaam maar zeker ontdekken we de risico’s en gevaren als verslavingen, AI-hacks, oorlogsvoering, klimaatverwoesting en meer. Vanuit de EU wordt er krampachtig, vaak te laat en onrealistisch, ingegrepen. Denk bijvoorbeeld aan privacygevoelige en niet te handhaven leeftijdsgrenzen. In Nederland worden waarschuwingen nog altijd weggelachen en maken partijen zelf ten overvloede gebruik van AI. We gingen erover in gesprek met Björn Wijers, expert digitale autonomie, die zich al meer dan vijftien jaar inzet voor open-source, open standaarden, eerlijker auteursrecht en meer privacybewustzijn.
Het blijft mensen verbazen, als Wijers vertelt dat hij geen WhatsApp maar Signal heeft. “In de ouderraad was ik lang alleen bereikbaar via e-mail. Dit jaar is het me gelukt om een groepsapp in Signal te beginnen. Er waren nog twee mensen die vroegen wat Signal is, maar die hebben het geïnstalleerd en dat was dat.” Het is kenmerkend voor hoe Wijers de strijd tegen Big Tech voert: Het gesprek aangaan en kritisch nieuwsgierig blijven, hoewel dat wel tijd en doorzettingsvermogen kost. “Ik ben wel iemand die regelmatig twintig keer tegen een muur beukt voordat er wat verandert”, vertelt hij lachend.
Het woordje ‘verandering’ is hierin cruciaal. Want hoewel er inmiddels (en eindelijk) regelmatig pogingen worden gedaan om de macht van Big Tech in te dammen, lijkt verandering nog ver weg. Zo lijkt het instellen van leeftijdsgrenzen voor sociale media een stap in de goede richting. Helaas is zo’n maatregel niet de oplossing. Lotje van Beek, beleidsadviseur van Bits of Freedom, wees al terecht op de privacygevaren, want hoe kom je erachter dat iemand te jong is? “Het afdwingen van een leeftijdsgrens op deze manier is dus niet verenigbaar met ons grondrecht op privacy.” Zo probeerde Discord in Australië te handhaven door het verplicht uploaden van een identiteitsbewijs. Dat ging direct mis.
Wijers voegt daar het ontbreken van handhaving aan toe. “We hebben al veel langer websites en platforms met een leeftijdsgrens, daar is nooit goed op gehandhaafd. Dus hoe nu dan wel? Bovendien is dit niet alleen een probleem voor kinderen. Het probleem zijn de platformen van Big Tech, met polariserende algoritmen en bedrijfsmodellen gebaseerd op datadiefstal. Leeftijdsverificatie leidt af van het daadwerkelijk probleem: de macht van Big Tech.”
Onze mate van keuze terugvorderen
Die macht moeten én kunnen we terugpakken, vindt Wijers. “Er is systematische verandering nodig, daarvoor hebben we instituties en overheden”. Toch kan het een niet zonder het ander. “Wat wij zelf kunnen doen, is keuzes maken op de gebieden waar je zelf nog wel directe controle over hebt. Thuis en op je werk bijvoorbeeld. Net zoals dat je ervoor kunt kiezen om minder vlees, vegetarisch te eten of om met de trein op vakantie te gaan, in plaats van met het vliegtuig. Die individuele keuze draagt een klein steentje bij en heeft een voorbeeldfunctie voor anderen. Tegelijkertijd moeten we werken aan grotere veranderingen in onze maatschappij. Zo is met de trein reizen vaak nog steeds veel duurder dan het vliegtuig. Om dat te veranderen zijn instituties en overheden noodzakelijk, door bijvoorbeeld belasting te heffen op vliegtuigbrandstof.”
Leeftijdsverificatie leidt af van het daadwerkelijk probleem: de macht van Big Tech.
Als het gaat om veranderingen doorvoeren, heeft de politiek er nogal een handje van om de bal terug te kaatsen naar de individuele burger. Daar is Wijers het niet mee eens. “Dat klopt niet. Overheden en instituties moeten veel meer hun verantwoordelijkheid pakken. Nu zijn ze allemaal bezig met een soort theater waarvan er van jou en mij verwacht wordt dat we de voorwaarden en eventuele gevolgen begrijpen en ermee akkoord gaan. Een voorbeeld hiervan zijn die irritante cookiebanners, gebruikersvoorwaarden van een dienst of de verschillende toestemmingsvragen bij de installatie en het gebruik van een app op je telefoon. In dat theater worden de verantwoordelijkheden verschoven naar individuele burgers, die niet genoeg kennis hebben. Ze kunnen de consequenties over langere termijn helemaal niet overzien of er überhaupt iets tegenin brengen. Het is een valse belofte van keuzevrijheid.”
Dat Meta dan bijvoorbeeld in hun algemene voorwaarden verwijst naar lokale wetgeving, is een theater an sich. “Van elke Nederlander wordt verwacht dat we de wet kennen. Dat is natuurlijk onzin. Wij kunnen helemaal niet inschatten wat de impact van onze keuze is als we de algemene voorwaarden van Meta accepteren. Alleen Meta weet dat écht. Dat is een probleem op zich. Zij moeten zich houden aan de wet, maar wie controleert dat en wie handhaaft dit? Daar ligt de verantwoordelijkheid voor overheden. Inmiddels lijkt daar wat in te veranderen, maar wat maakt het uit als de boete goedkoper is dan het continu breken van de wet? Denk bijvoorbeeld aan een parkeerkaartje dat je kwijtraakt en dat de boete die je daarvoor moet betalen dan goedkoper is dan een dag parkeren. Dan neem je het risico van de boete – net zoals Big Tech de risico’s van boetes meeneemt in de bedrijfsvoering. Wie of wat houdt Meta dan nog tegen om continu hun eigen voorwaarden te verbreken?”
Politici hebben liggen slapen. Er zijn genoeg experts geweest die aan de bel getrokken hebben
Schrijnend is het dan, als Laurens Dassen het gesprek over Big Tech en AI probeert aan te wakkeren, maar wordt uitgelachen in de Tweede Kamer. “Ze zouden zich rot moeten schamen,” zegt Wijers. “Die reactie maakt wel duidelijk hoe ver deze thematiek nog van de politiek afstaat. Politici hebben liggen slapen. Er zijn genoeg experts geweest die aan de bel getrokken hebben.”
Dat er dan voortdurend naar buiten komt dat politici zelf ook stelselmatig van AI gebruikmaken, maakt de boel er niet beter op. “De macht van Big Tech is veel te groot. Het inzicht dat technologie fundamenteel is voor onze maatschappij, ontbreekt. Technologie is niet neutraal, het draait om macht. En macht, dat zou toch iets moeten zijn wat politici snappen.”
Gevecht op de achterhoede
Toch heeft Wijers de hoop nog niet verloren. “Vijf jaar geleden moesten we echt nog veel uitleggen over Big Tech. Toen was ik echt bezig met een niche gevecht op de achterhoede. Nu verschijnt het bijna dagelijks in het nieuws. Het is van monopolies en mededinging nu geopolitiek en ideologie geworden. We zien dat er nu een soort kentering plaatsvindt op bepaalde plekken, het gevoel dat ‘we er toch iets mee moeten’.” Neem bijvoorbeeld de rol die Microsoft in oorlogsvoering speelt, dat captcha’s als machtige grenswachters optreden die privacygevoelige gegevens tracken en dat AI het hele klimaat verwoest. Tot concrete acties leidt het alleen nog niet echt. “Dat gaat heel langzaam, maar dat het wordt besproken en er kleine veranderingen plaatsvinden, stemt hoopvol.”
Het gevecht tegen Big Tech kent meerdere fases. Bewustwording is daar één van. Maar hoe word je er bewust van dat Big Tech jou als product gebruikt? Kritische nieuwsgierigheid, zegt Wijers: “Vraag je jezelf altijd af waarom je gratis gebruik kunt maken van een app? Hoe komt het dat ik geen linkjes in een bijschrift van Instagram kan zetten? Waarom zie ik standaard veel mensen die ik niet volg? En waarom moet ik moeite doen om content te zien van de mensen die ik wel volg? Klinkt misschien heel kinderlijk, maar zo word je wel bewust.”
En macht, dat zou toch iets moeten zijn wat politici snappen.
Een volgende fase is rouw. Er zijn natuurlijk meerdere redenen waarom we bijna allemaal chronisch online zijn. Eenzaamheid, een gevoel van gemeenschap of afleiding. Veel van ons hebben een online persona gecreëerd. Afscheid nemen van community’s of zelfs een online identiteit is dan geen gemakkelijke keuze. Helemaal als je je nog niet bewust bent van de alternatieven en er niemand met je mee wil naar die alternatieven.
Wijers kwam mede daarom met het initiatief DoeiDag. Doei staat voor ‘digitaal onafhankelijk elkaar inspireren’. “Wij zijn de fase van rouw al voorbij en kijken juist hoe het wél kan. Anders omgaan met het internet, zonder dat je er een kluizenaar voor hoeft te worden. We willen laten zien dat technologie niet alleen maar gebruikt hoeft te worden zoals we dat nu massaal doen.” Dat doen ze elke eerste zondag van de maand met DoeiDag. Op 4 oktober organiseren ze ook een eerste fysieke bijeenkomst in de War te Amersfoort.
Hoopvol
Elkaar blijven inspireren en hoopvol blijven, staat volgens Wijers centraal in onze strijd tegen de macht van Big Tech. Hoewel hij altijd al bezig is geweest met technologie en de impact op onze maatschappij, ziet Wijers zijn strijd tegen Big Tech ook als manier om zich in te zetten binnen een voor hem ander belangrijk onderwerp, de klimaatcrisis. “Ik was een tijdje bezig met het klimaat voordat ik erachter kwam hoe ernstig die situatie eigenlijk al is. En dat ik daar eigenlijk zo weinig aan kon doen met mijn achtergrond. Ik vroeg me toen af hoe ik mijn eigen bestaande vaardigheden kon gebruiken om er toch wat aan te veranderen. Hoe kon ik ervoor zorgen dat klimaatactivisten hun werk beter kunnen doen? Dat is ook winst. Als ik ervoor kan zorgen dat minderheidsgroepen online een plek krijgen waar ze met elkaar kunnen praten zonder van een platform gegooid te worden, of ze een alternatief platform kan bieden, dan is dat ook winst.”
Toch snapt Wijers dat de huidige ontwikkelingen op het gebied van technologie en AI je zwartgallig en cynisch kunnen maken: “Maar met cynisme sla je de actie tot bereidheid dood. De wens om iets te veranderen verdwijnt. In combinatie met wegkijken kunnen we dan nooit verandering voor elkaar krijgen. Als je niks doet, weet je zeker dat er niks verandert. Ik hou er rekening mee dat ik die concrete verandering misschien niet mee ga maken, maar ik hoop mijn kinderen wel – en is dat niet ook de kern van het leven? Dat we proberen iets mee te geven aan een volgende generatie?”
