Impakt werpt licht op (on)sterfelijke data in Data Never Dies
Wat als data (niet) vergaat?
Wat gebeurt er met je data als jij er niet meer bent? We kunnen de vraag uiteraard ook omdraaien: wat gebeurt er met jou als je data er niet meer is? Waarschijnlijk voel je wel iets bij dat verlies: opluchting, of juist een soort rouw. IMPAKT, Centrum voor Mediacultuur, duikt dieper op die gevoelens in, met de tentoonstelling Data Never Dies. alt. bezocht de digitale uitvaart voor een sfeerverslag.
In de enkele tentoonstellingsruimte te Utrecht staat een tiental mediakunstwerken, dat stuk voor stuk een ander deel van data aanspreekt. De expositie bezet een collectie van schermen, verschillende drukwerken en fysieke handarbeid, in een spaarzaam verlichte en overwegend stille zaal. Er heerst een bepaalde sereniteit.
Morbide, maar ook humoristische data
“Goed, goed”, onderbreekt een Vlaamse vrouwenstem de stilte. De helft van een gesprek wordt automatisch gevoerd door een zogenaamde deadbot, een uncanny valley-achtige avatar op een van twee losstaande schermen. Via een deadbot kunnen overlevenden alsnog een gesprek met gestorven geliefden voeren, al dan niet voorgeprogrammeerd.
Op het andere scherm is een van de verantwoordelijke (nog levende) kunstenaars te zien, die in dit geval het gesprek voert met haar eigen deadbot. Het script ligt verspreid op de vloer, zodat je zelf deze helft van de dialoog kunt aanvullen. Ongeacht je eigen inbreng blijft de vrouw om de zoveel tijd dezelfde herinneringen afvuren, over een strandwandeling die wij nooit met haar gemaakt hebben.
De rillingen die we krijgen van de Vlaamse deadbot keren vaker terug, maar lang niet de gehele tentoonstelling voelt zo ongemakkelijk als Songs for the Unbodied.
De uitvergrote floppydisks van Attic Memory, eenzaam en volledig disfunctioneel in de spotlight, hebben iets komisch. Alsook de reeks verschillende afdrukken van de man die beroep deed op zijn recht om vergeten te worden. In zijn verwoede poging een profielfoto van het internet te wissen, genereerde hij juist meer data – data die in alle ironie nu weer gereproduceerd wordt.
Of je nu bewust data genereert of niet; we hebben er allang weinig controle meer over. De meeste stukken lijken dat in zekere zin te accepteren, sommige steken er de draak mee. Wat voor onbegrip, woede of hilariteit je zelf uit die (on)sterfelijkheid haalt, is aan jou.
Vergankelijkheid
Sowieso hebben we als mensheid tegenwoordig maar een vreemde relatie tot data. Ons spoor van gegevens heeft iets persoonlijks, maar wordt tegelijkertijd gebruikt als machtsmiddel. Soms werkt data je tegen. De tien werken in deze tentoonstelling zijn elk op een heel eigen manier een reflectie van een specifiek stuk data en onze relatie daartoe.
Staat een van mijn Sims nog in de hens op een oude harde schijf?
Het gros van de werken doet je afvragen: wat heb ik allemaal achtergelaten aan data? Veel, waarschijnlijk. En niet elke bit of byte is even nostalgisch. Staat een van mijn Sims nog in de hens op een oude harde schijf? Welke vergeten profielen, berichten of zoekopdrachten worden jaren later nog onthouden door dataservers? Maar ook: zou het ertoe doen als die data definitief vergaat – of juist niet?
Data Never Dies poneert een aantal interessante vraagstukken over data en diens vergankelijkheid. Data hoort, net als de dood, bij ons leven. Niemand ontkomt immers aan een digitale voetafdruk. Zelfs als we unpluggen en kiezen voor een analoog bestaan, meten we dat meestal weer met digitale maatstaven. En zelfs dan blijven delen van je data elders dwalen.
Voor grotere systemen, en zeker bedrijven, zijn we onze data, maar die data blijft soms langer bestaan dan we willen. Soms langer dan onszelf. Data Never Dies laat je daar toch zeker een uur lang over stilstaan, met al het ongemak (en de humor) van dien.
Data Never Dies is nog tot en met 15 november te bezoeken bij IMPAKT, Centrum voor Mediacultuur, in Utrecht. Toegang tot de tentoonstelling kost 7 euro en 6 euro voor kinderen en studenten. Met een museumpas kost een kaartje 3,50 euro.

